Op vakantie vanuit je luie stoel of juist op het puntje van je stoel?

De grenzen zijn dicht. Je kunt enkel dromen van leuke bestemmingen. Wat nog leuker is, lees erover alsof je er zelf bij was. Houd je liever van spanning? Ook geen probleem. Dan pak je gewoon een misdaadroman.

De komende weken stel ik mijn 12 'Op reis...' boeken en 2 misdaadromans voor.  Spreekt het je aan, bestel een exemplaar bij mijn uitgever, of koop direct de e-readerversie in onze webshop.

Welkom in onze bookstore. Koop hier je e-reader boeken en laat je meevoeren.

Verborgen resort

Genre: misdaadroman

Pagina's:                363

Kosten boek:        € 25,00 (excl verzendkosten)

Kosten digitaal:   € 9,50

Verborgen resort


Barbara von Bergen krijgt te horen dat haar oom is overleden. Een familielid waarvan zij het bestaan tot dan toe niet kende. Zij besluit naar de begrafenis te gaan in de USA. Wat zij ervan moet verwachten weet zij niet, maar haar interesse is gewekt. Alles lijkt voorspoedig te gaan, totdat er mysterieuze dingen gebeuren. Kan zij de raadsels ontrafelen of wacht haar hetzelfde lot als haar oom?

 

Het Verborgen resort is de tweedemisdaadroman uit een drieluik, die begon met het Gouden jacht complot. Afzonderlijke boeken, maar wel met een raakvlak. Zo komen de hoofd- en bijrolspelers in ieder boek terug. De volgorde waarin je ze leest maakt niet uit. Stukje bij beetje leer je de karakters kennen. Het derde en afsluitende boek wordt volgend jaar verwacht. Moet enkel nog geschreven worden.

Gouden jacht complot

Genre: misdaadroman

Pagina's:                227

Kosten boek:        € 18,74 (excl verzendkosten)

Kosten digitaal:   € 7,50

Gouden jacht complot


Elaine Chalone en Susan Penticton. Beiden succesvol. Grote carrières in respectievelijk de wijnbranche en de scheepsbouw. Toch gaat er iets mis en kunnen zij dat ene dat zij zo graag nastreven niet bemachtigen. Waar gaat het fout? Is er opzet in het spel, kunnen zij het tij keren of houden anderen hen in de greep?

 

In deze misdaadroman, het Gouden jacht complot word je meegenomen van de bosbranden in de Verenigde Staten tot vluchtpogingen in de besneeuwde bergen van Zwitserland. Smokkel in het corrupte Siberië en uit de mist opdoemende jachten in een Noors fjord. Speurtochten in Den Haag en Londen en na een trip met de nostalgische Oriënt-Express een ontmaskering in het romantische Venetië. Stukjes van een puzzel die door de hoofdrolspelers in elkaar gezet moeten worden zorgen er voor dat de roman tot het laatste moment blijft boeien.


Het Gouden jacht complot is de eerste misdaadroman uit een drieluik. Afzonderlijke boeken, maar wel met een raakvlak. Zo komen de hoofd- en bijrolspelers in ieder boek terug. Na het eerste boek is inmiddels ook het tweede in reeks verschenen, het Verborgen resort. Het derde bestaat op dit moment enkel nog in het hoofd van de auteur.

Bestemming:       Thailand & Cambodja

Wanneer:              2016

Pagina's:                149

Kosten boek:        € 16,50 (excl verzendkosten)

Kosten digitaal:   € 5,00

Woensdag 26 oktober, Kanchanaburi, River Kwai


Vlak voor het station in een klein parkje stond een grote groen-zwarte stoomlocomotief. Zal hier vroeger hebben gereden. Bij het loket in het stationnetje 2 kaartjes gekocht met als bestemming Nam Tok, het einde van de Death Railway. Wie kent het verhaal en de film niet van “Bridge over the River Kwai”. De brug die in de Tweede Wereldoorlog door de geallieerden was gebombardeerd. Eerst even een paar ophelderingen. Het boek, ik vermoed van een Franse auteur, is grotendeels fictief. Weliswaar zal het zijn gebaseerd op het historische feit dat de brug gebombardeerd is, maar verder is het fictief. Er was overigens niet één, maar er waren hier twee bruggen. Beiden zijn gebombardeerd. De bamboebrug, iets meer stroomopwaarts, is volledig verdwenen. De ander, bij Kanchanaburi, is weer opgebouwd. Tot slot heette de rivier bij Kanchanaburi helemaal niet River Kwai, maar omdat door het boek en de film toeristen op zoek gingen naar de brug hebben de Thaise autoriteiten de naam van de rivier aangepast.


De trein kwam weer in beweging en de brug naderde. Toch maar even op het balkon gaan staan en half uit de trein gehangen om alles goed te zien en vast te leggen. Gaaf zeg, rijd je toch opeens over ‘de brug’. Heel bijzonder.

 

Bij de stations die volgden stapten telkens weer mensen in waardoor de trein aardig vol begon te raken. Overigens ook hier weer geen houten banken. Wij reden verder door het groene landschap. In de verte naderden de heuvels en opeens was de rivier weer zichtbaar.

Bestemming:       Zuid-Afrika

Wanneer:              2015

Pagina's:                133

Kosten boek:        € 16,50 (excl verzendkosten)

Kosten digitaal:   € 5,00

Donderdag 17 september, Franschhoek en Stellenbosch


Er naast lag het kruidhuis uit 1777. Gebouwd in opdracht van de VOC om Stellenbosch te kunnen beschermen.

 

In de Markstreet kwamen wij het Informatiebureau tegen. Hierin was naast de toeristische informatie een souvenirwinkeltje gevestigd. Altijd leuk om even binnen te kijken. Ook hier weer de nodige van oud ijzer gemaakte dierenkoppen, of trofeeën, zoals ze ze hier noemen, als ook andere uit gerecycled materiaal vervaardigde items. Allen afkomstig van locale artiesten. Wij wilden een klein leeuwtje kopen voor in de kerstboom en raakten aan de praat met de verkoopster. Zij bleek uit Namibië te komen en sprak vloeiend Afrikaans. Toen wij daar achter kwamen snel verteld dat wij uit Nederland kwamen en haar taal best konden verstaan. Het gevolg was dat zij in haar taal en wij in die van ons spraken en elkaar prima konden volgen. Erg leuk om weer iemand tegen te komen die Afrikaans tegen ons spreekt. Uiteindelijk het leeuwtje gekocht. Inmiddels het tweede item voor in onze kerstboom.

 

Naast het VVV lag een grote tuin, of eigenlijk een park, waarin oorspronkelijk een missiepost was gevestigd. Nu was het een speelgoed museum en werd het de foto voor de voorkant van het boek dat je nu leest. Door het park gelopen en er iets verder weer uit. In de Hertestreet stonden geschakelde slavenwoningen. Het woord zegt het al, het onderkomen van de slaven.

 

In de Dorpstreet sloegen wij kort af naar rechts. Het tweede huis was Oom Samie se Winkel. Gelukkig legde een tuinman uit hoe wij binnenkwamen, er was namelijk een half hoog hek geplaatst. Eerst moest je op een belletje drukken waarna het hek automatisch open ging. In de winkel was van alles te koop. Gekke hebbedingetjes of andere curiosa. Oude dingen, nieuwe dingen, kruiden, boeken, flessen wijn, je kon het zo gek niet bedenken. De winkel bestaat al sinds 1904 en is bijna meer een levend museum dan een winkel. Maar wel grappig om te zien. Wij vervolgden de route over de Dorpstreet. Onderweg al een leuk eettentje gezien dus dat zouden wij even onthouden voor


later. Na een paar honderd meter sloeg de route volgens onze gids af, onzin vonden wij dus liepen verder. Kom je in nog een mooi oud gedeelte van het stadje. Soms statige huizen, vooral aan het einde. Eeuwen oude bomen en eigenlijk voor die tijd erg brede straten. Op den duur hoorden wij kerkklokken. Er moest toch iets groters zijn dan die kleine kathedraal die wij in het begin hadden gezien. Toch maar een zijstraat in en ja hoor een grote hervormde kerk. Spierwit geschilderd zoals eigenlijk menig huisje in deze stad, maar ook in de streek. Het dateerde van rond 1700.

Bestemming:       Jordanië

Wanneer:              2014

Pagina's:                109

Kosten boek:        € 16,50 (excl verzendkosten)

Kosten digitaal:   € 5,00

Donderdag 16 oktober, Dode Zee naar Petra


Meteen nog even naar het Visitor center van Petra gelopen om informatie op te vragen. Daarna aan het zwembad gezeten en een biertje besteld. Yes, het was voorradig in dit hotel en ook zelfs nog betaalbaar.

 

‘De duisternis was ingevallen boven Petra. Enkel een sterrenhemel verlichtte heel lichtjes de glooiende lage heuvels langs hun pad. Een grindpad dat aan de zijkanten werd gemarkeerd met papieren zakken waarin men een hand zand had gegooid en daar een kaars in had gestoken. Om de 10 meter zorgde de gelige gloed voor net genoeg licht om te zien waar zij liepen. Na een kilometer ging het pad over een kleine verhoging alsof het een dammetje over moest om vervolgens in een kloof te verdwijnen. Hoog rezen de rotswanden op zowel links als rechts van het pad . De houten stadspoort, voorzien van een stenen boog aan de bovenzijde ging open. Het pad slingerde zich over ongeveer 2 kilometer door dit wonderbaarlijke landschap. Soms leken de wanden elkaar bijna te raken om elkaar dan weer over een 100 tal meters los te laten. Aan één zijde van de wand op een meter van de grond kabbelde het water van de kanaaltjes die de stad van water voorzagen. Het was stil. Enkel het geluid van een krekel verbrak deze zo nu en dan. Of hoorden zij in de verte toch wat? Heel zachtjes konden zij de klanken van een snaarinstrument horen. Naar mate zij dichterbij kwamen werd het geluid duidelijker hoorbaar. In de verte leek het iets lichter te worden. Weldra zouden zij arriveren op het eindpunt van hun bestemming, waarschijnlijk nog enkele meters.


En toen opeens, tussen de kloofwanden door vingen zij de eerste glimp op van Al Kazneh, bijgenaamd de schatkamer. Nog een paar stappen. Verbluft bleven zij bij de uitgang van de kloof staan. Voor hen lag de monumentale gevel die compleet was uitgehakt uit de rotswand. Daarvoor honderden papieren zakken met hierin kaarsen. Zoiets hadden zij nog nooit gezien. Een vriendelijke man kwam naar hen toe en begeleide hen naar een kleed dat was neergelegd voor de kaarsen. Zij gingen zitten, namen een klein kopje thee in ontvangst en luisterde naar de muzikant die te midden van de kaarsen zat te spelen. Voor hen het imposante bouwwerk dat flauw werd verlicht.’

 

Inmiddels 2000 jaar later is het nog net zo indrukwekkend als hierboven beschreven, enkel doe je de tocht met een paar honderd anderen en staat er aan het einde een gids die roept dat je moet gaan zitten en geen flits mag gebruiken.

Ik moet eerlijk toegeven op het moment dat je aan het einde van de nauwe kloof een glimp van de Treasury, zoals het ook wel wordt genoemd, ziet dan krijg je toch wel even een gevoel van “wow, dat ik dat te zien krijg”.

Bestemming:       De Alpen

Wanneer:              2014

Pagina's:                127

Kosten boek:        € 16,50 (excl verzendkosten)

Kosten digitaal:   € 5,00

Zaterdag 31 mei 2014, Zugspitze


Hierna door met een kabelbaan naar de Zugspitze op 2964 meter. Meteen de hoogste berg van Duitsland. Op deze top staan inmiddels verschillende gebouwen waarvan de oudste dateert uit het einde van de 19de eeuw. De andere gebouwen zijn een stuk nieuwer. Je vindt er verschillende restaurants, een museum, het bergstation van de kabelbaan vanaf de Zugspitzplatte, als ook de stations van de kabelbanen uit Eibsee en uit Oostenrijk. Bovenop dit alles een grote wandelpromenade die eigenlijk maar 1 meter lager ligt dan de top zelf. Onderweg passeerden wij de grens tussen Duitsland en Oostenrijk. Ook wel erg bijzonder op deze hoogte.

 

Vlak bij de eigenlijke top, waarop een gouden kruis staat trok heel kort de bewolking wat weg en hadden wij een mooi zicht naar het dal in de richting van Garmisch. Op de top was inmiddels een klimmer bezig. Waarmee weet ik niet. Het leek een verkleed partij. Je kunt overigens in een minuut of 5 de echte top bereiken, al is enige vorm van zekering wel aan te raden. Dus maar even niet gedaan. Wij liepen er wat rond tot wij opeens telkens irritante piepjes hoorden. Bleek het een fotoapparaat te zijn die je zelf kon bedienen zodat er automatisch een foto van je werd gemaakt met op de achtergrond de top. Uiteraard hebben wij dat ook meteen even uitgetest. De eerste foto mislukte omdat er een paar slome Amerikanen dwars door het beeld liepen. Dan nog maar een keer de knop indrukken en lachen. Wij moeten op internet nog even het eindresultaat zien, al zijn wij niet de enigen dus het zal wat zoeken zijn.

 

Bij een strakblauwe lucht moet je in het totaal hier vandaan 400 bergtoppen kunnen zien in 4 verschillende landen. Helaas hadden wij niet van dat mooie weer, maar hebben uiteindelijk toch wel het nodige gezien.

 

Vervolgens werd het tijd om wat te lunchen in de hoogste Biergarten van Duitsland. Lekker aan de goulashsoep gezeten met uiteraard een biertje erbij. Smaakte goed, maar een beetje slecht personeel. Zouden ze last hebben gehad van de hoogte? Na het eten nog even snel naar buiten voor een foto, kon ik niet meer terug! Bleek dat ik een soort van nooduitgangdeur had gebruikt. Tsja dan moeten zij dat erbij zeggen. Gelukkig zag ik aan de andere kant van de glazen deur Ben lopen, maar die zag mij niet. Ook kloppen hielp niet. Dan maar via een buitentrap naar boven. Was het daar weer afgesloten met een slagboom. Ja daaaag, die doen wij dus maar even naar boven. Vervolgens Ben proberen te vinden. Makkelijker gezegd dan gedaan. Naar boven gelopen en weer naar beneden om hem uiteindelijk tegen te komen in een trappenhuis. Hij had mij ook lopen zoeken en was ook buitengesloten geweest op datzelfde terras. Dat ging lekker.

Bestemming:       Frankrijk & Italië

Wanneer:              2013

Pagina's:                169

Kosten boek:        € 16,50 (excl verzendkosten)

Kosten digitaal:   € 5,00

Zaterdag 5 oktober 2013, van Antwerpen naar Lugano


Langs de funicolaire ging de route naar beneden. Erg herkenbaar omdat wij hier anderhalf jaar geleden ook al waren geweest. Beneden in het centrum bleek het Festa d’autonno in volle hevigheid te zijn losgebarsten. Overal kraampjes met lekkernijen, drank of artisanale dingetjes. Een en al gezelligheid. Kort even rondgelopen om vervolgens op een terrasje neer te strijken en een glaasje Prosecco te bestellen. In de verte zagen wij op dat moment al enkele Zwitsers aan komen lopen met lange Alpenhoorns bij zich. Even wachten nog wat zij van plan waren en jawel hoor, een optreden. Ruim 10 personen bliezen op de lange alpenhoorns. Erg leuk en typisch Zwitsers. Al moet ik eerlijk toegeven dat in een Italiaans aandoend kanton het toch wel een beetje vreemd overkomt. Vervolgens verder gelopen door de nauwe straatjes om uiteindelijk uit te komen op een gezellig pleintje. Hier werden in een kraampje vleesschotels klaargemaakt en in weer een ander drank geschonken. Aan de zijkant van het plein ontdekten wij dat daar enkele koks in enorme ketels aan het roeren waren. Het bleek polenta te zijn. Hoe het allemaal precies in zijn werk ging was ons in het begin nog niet helemaal duidelijk. Er liepen gasten met dienbladen langs die ketels. Toch maar eens zien waar die vandaan kwamen. Wij moesten even een hoekje om en kwamen uiteindelijk bij de ingang. Hier kreeg je een dienblad, een zakje met bestek en een bord naar keuze. Vervolgens liep je langs de koks waar je vanuit de ene pan een schep polenta kreeg. Bij de volgende kon je kiezen uit een drietal ragouts. Weer iets verder kon je bordjes met koud vlees krijgen of een soort van gebakje. Daarna stond er iemand met verschillende bekertjes gevuld met wijn. Als je dienblad vol was liep je door naar een tafel waar iemand achter zat met een geldkistje. Hij rekende snel uit voor hoeveel je op je dienblad had staan en je rekende af. Vervolgens was het zaak een plekje in één van de tenten te vinden waar je plaats nam aan lange houten tafels. Helemaal in onze nopjes was dit smullen geblazen. Het eten smaakte prima en de Merlot uit Tessin was vol en zwaar. Dit alles met op de achtergrond live muziek maakte de sfeer compleet.


Bestemming:       Mexico

Wanneer:              2012

Pagina's:                137

Kosten boek:        € 16,50 (excl verzendkosten)

Kosten digitaal:   € 5,00

Donderdag 25 oktober 2012, Valladolid

 

Na wat opfrissen was het tijd om een restaurantje te zoeken. Dit was niet een hele moeilijke keuze. Wij hadden er eerder die dag wel eentje op het oog, maar na wat zoeken bleek het inmiddels een zaakje te zijn waar ze enkel gerecycleerde artikelen verkochten. Hier overigens een leuke sleutelhanger gekocht. Je moet toch wat. De keuze viel uiteindelijk op een klein restaurantje aan het Parque Principal. Gisteren hadden wij hier al aan een biertje gezeten. Kleine tafeltjes onder arcades en als gerechten maar eens gekozen voor het regionale. Eigenlijk best lekker. Een soort van kruidige worst, bruine bonen, die er bijna uitzagen als chocolade, maar wel erg lekker, en het nodige aan groenten. Voorafgegaan uiteraard door tortilla’s, met een heerlijk rauwkostprutje. Dat krijg je hier bijna standaard. Ook maar meteen een flesje Chardonnay besteld. De drank viel duurder uit dan het eten, maar dat mocht de pret niet drukken. Waarschijnlijk werd er niet heel vaak wijn besteld. De serveerster had namelijk grote problemen de fles met een flesopener open te krijgen. Eerst probeerde ze al het loden omhulsel weg te snijden wat niet lukte. Vervolgens dan maar met de kurkentrekker direct de fles te lijf gaan. Hoho dacht ik meteen en nam de fles uit haar hand. “Zo doe je dat”, en triomfantelijk draaide ik de schroefdop van de fles.


Voor 8 uur de deur uit op weg naar de ingang van Chichén Itzá. Het voordeel van dit hotel is dat het zijn eigen ingang heeft en je dus niet als alle andere toeristen via de hoofdingang hoeft te gaan. Wij waren de eerste bij het ticketbureau. Zelfs nog iets eerder dan het personeel. Het duurde even voor zij zich hadden geïnstalleerd, maar toen konden wij een kaartje kopen. Hier ging het ook weer in twee delen. Eerst koop je een kaartje voor het park en bij de volgende baliemedewerker een kaartje voor de belasting. 3 meter verder wordt er dan weer een gaatje in de kaartjes geprikt en mag je het park binnen. Je loopt direct op een Mayaweg, die dus al bij ons hotel begon.

 

Ook de eerste verkopers kwamen wij na enkele meters tegen die bezig waren een klein stalletje in te richten. Het hoort er bij.


Tussen de bomen door zagen wij al wat wij zochten. Het was niet ver meer voor één van de moderne 7 wereldwonderen voor ons opdook. De Piramide van Kukulcan, ook wel El Castillo genoemd. Deze piramide vormt het centrum van Chichén Itzá en is wel het meest bekende gebouw. Overigens is in grote delen van deze Maya stad de begroeiing weggehaald zodat je de gebouwen mooi kunt zien. Ook is het hier tegenwoordig niet meer toegestaan de gebouwen te betreden, wat eigenlijk ook wel weer beter is.

 

Omdat wij de eersten in het park waren konden wij meteen geweldige foto’s nemen. Dit was aan het einde van de dag wel anders als er duizenden toeristen, complete busladingen vol, door deze archeologische site lopen.

Bestemming:       Dubai & Oman, Spanje Andalusië

Wanneer:              2011

Pagina's:                137

Kosten boek:        € 16,50 (excl verzendkosten)

Kosten digitaal:   € 5,00

Vrijdag 25 maart,  Sur, Wahibi Sands, 1000 Night Camp

 

Voor de laatste keer in ons appartementje ontbeten. Weer met een gebakken eitje en zelfgemaakte (oplos)koffie. Onze koffers gepakt, ingeladen en het hotel betaald. Eerst nog even op zoek naar een geldautomaat om de aankomende nacht te betalen. Dit ging gek genoeg wat lastig en dus weer half Sur gezien, maar uiteindelijk bij een apparaat waar wij al eerder geld hadden gehaald lukte het weer. Toen een poging gedaan Sur uit te rijden. Makkelijker gezegd dan gedaan. Ondanks het feit dat ze hier inmiddels veel asfalt wegen hebben en ook de lantaarnpalen overal als paddenstoelen uit de grond schieten, blijft het lastig om borden neer te zetten zo lijkt het. Het ene moment vind je er eentje waarna het richting aangeven compleet stopt. Geen idee of je dus goed rijdt of niet. Op den duur maar eens bij een tankstation gevraagd of wij nu links of rechts moesten. Eindelijk konden wij de stad achter ons laten en onze tocht het binnenland in beginnen.


De route ging voorspoedig en na een uur of 2 kwamen wij aan in Al Mintarib. Hier vonden wij het Shellstation waar de route volgens het 1000 Nights Camp zou beginnen. Eerst moesten wij de banden voor de helft leeg laten lopen. Ook voor de zekerheid maar even getankt. De eerste paar kilometer gingen zigzaggend door het plaatsje totdat het asfalt ophield en voor ons enkel zand was te zien. De Wahibi Sands. De thermometer van de auto gaf een bijpassende buitentemperatuur aan van 40 graden. Het was even wennen om in het zand te rijden. Ondanks het feit dat zeker in het begin een breed spoor  te zien is van voorgaande auto’s glijdt je auto heen en weer alsof je op sneeuw rijdt. De eerste kilometers gingen goed. De herkenningspunten op het kaartje kwamen wij tegen als ook de bordjes van het kamp.

Na een kleine 20 kilometer waren wij een ander kamp net voorbij en werd het zand iets dikker en losser. Achter ons een andere auto dus ik even gas geven met als gevolg dat wij helemaal vast kwamen te zitten. Snel de auto uit en die andere auto laten stoppen. Een aardige Arabier stapte uit en nam plaats in onze auto. Door wat voor en achteruit te wiegen kreeg hij hem los. Waarschijnlijk moet hij vaker toeristen redden. Ook legde hij ons uit dat wij in een andere versnelling moesten


rijden. Altijd handig zo’n tip, want hebben zelf geen verstand van een 4WD met automaat. Hadden keurig gedaan wat het camp had aangegeven maar was dus niet het juiste. Al snel reden wij weer alleen. Onze redder had gas gegeven en was uit het zicht verdwenen. Na weer een kilometer of 10 hield het dal op, althans dal, vanaf de bewoonde wereld reden wij eigenlijk tussen 2 lange rijen duinen door. Aan dit einde moesten wij een grote bocht maken en zogezegd de zijwand oprijden. Wij zagen dat een andere auto met toeristen al weer de helling werd afgesleept dus wij besloten een grote bocht te nemen en vol gas te geven. Halverwege de helling groeven wij ons in. De wielen slipten en konden niet meer voor of achteruit. Onze redder van eerder was hier ook weer en probeerde het op nieuw. Geen succes. Toen kwam een andere Arabier en deed ook een poging. Hij zette hem in een andere stand en ging achteruit. Ver achteruit tot hij weer in het dal stond. Vervolgens vol gas en stoof ons voorbij de helling op. Wij er achter aan rennen. Ook deze Arabier had weer een tip. Wij moesten hem nu in de 2 zetten. Dit bleek de beste tip te zijn tot nu toe en de auto trok 10 keer beter. Zelfs in mul zand.


De laatste 10 kilometer gingen goed. Vol gas en andere toeristen in ons stofspoor achterlatend. Voor ons verscheen het 1000 Nights Camp. Een kleine oase met verschillende nomadententen, al dan niet met aangebouwd badkamertje zonder dak en een tweetal huizen. In het midden een open restaurantgedeelte en een zwembad. Tijdens het inchecken kregen wij een kopje koffie en daarna werd ons de tent gewezen. Echte bedden, waterkoker voor koffie of thee. Een thermosfles, waxinelichtjes en lucifers waren voor als ’s avonds de aggregaat uit zou gaan. De badkamer had een toilet, wastafel en douche. In ons geval ook veel troep van de boom die er boven groeide en nogal uitviel.

 

Snel omgekleed en naar het zwembad. Daar op ligbedden in de schaduw geleden en gezwommen. Zalig. ’s Middags druppelde langzaamaan andere gasten binnen waaronder een complete groep met gepensioneerde Duitsers. Rond 19.00 uur begon het avondeten. Even rennen naar het restaurant want er was een flinke wind (en dus zandstorm) gaande. Deze begint dagelijks aan het einde van de dag en duurt standaard een uur of 2.


Het verblijf was all inclusive omdat je toch nergens anders naartoe kon. Er was dus een compleet buffet gemaakt. Eerst soep en daarna salades, vlees etc. Voor 1 soort vlees werden wij verzocht mee te komen naar buiten het restaurant. Daar vertelden de medewerkers dat zij uren van te voren het vlees hadden ingegraven, hete kolen erbij en afgedekt met zand. Dit werd weer uitgegraven en meegenomen naar het buffet. Heerlijk gegeten. Daarna nog een paar spelletjes Uno gespeeld en naar bed. Het was even wachten tot de verlichting uitging maar daarna hadden wij een schitterend zicht op de sterrenhemel die hier veel indrukwekkender is als thuis. Vervolgens echt gaan slapen.

Bestemming:       Zuid-Duitsland, Beieren

Wanneer:              2016

Pagina's:                149

Kosten boek:        € 16,50 (excl verzendkosten)

Kosten digitaal:   € 5,00

1 juni, Schloss Neuschwanstein


Bijna boven hadden wij meteen al een eerste zicht op het kasteel. Inmiddels zag het redelijk zwart van de mensen. Het principe was erg simpel. De kaarten die wij hadden gekregen hadden een nummer. Dit correspondeerde met het nummer van de groep die zou worden rondgeleid. Op een centraal plein in het kasteel waren draaihekjes met daarboven aangegeven welke groep door mocht. Dit ging tot op de seconde op tijd. Toen ons nummer eenmaal werd vertoond scanden wij onze kaartjes en liepen door tot wij werden tegen gehouden door een ketting. Toen onze groep compleet was mochten wij het kasteel in en liepen wij tot in een kleine ontvangsthal met een buste van Ludwig II, de bouwer van dit fantastische kasteel. Niet veel later kwam er een gids die ons 35 minuten door het kasteel zou leiden. Daar waar hij stilstond om wat te vertellen werd zijn stem door luidsprekers versterkt. Qua logistiek zat het zeer goed in elkaar. Soms kwam je voor je een groep tegen, soms achter je, maar altijd werden deze gescheiden. Deutsche Punktlichkeit op en top.

 

Voor ik verder ga met de rondleiding eerst even wat achtergrond informatie over Ludwig II. Ludwig werd geboren in München in 1845. Grotendeels groeide hij op in het kasteel van zijn ouders, Hohenschwangau dat onder het latere Neuschwanstein lag. Reeds op 18 jarige leeftijd besteeg hij de troon na het plotseling overlijden van zijn vader Maximiliaan. Veel interesse in oorlogvoeren of regeren had hij niet echt. Hij leefde een redelijk teruggetrokken leven en ontpopte zich tot “sprookjes koning”. Hij liet meerdere paleizen en kastelen bouwen, zoals slot Herrenchiemsee, Linderhof, Schachen en Neuschwanstein. Enkel Linderhof wist hij te voltooien. Een tijdje was hij nog verloofd met de zus van keizerin Sissi, maar hij cancelde het complete huwelijk terwijl de voorbereidingen al in gang waren. Aan het einde van zijn leven werd hij door de regering onbekwaam verklaard en heeft men hem gevangen genomen in Slot Berg. Men dacht dat hij door zijn excentrieke gedrag gek was geworden. Op mysterieuze wijze is hij op 40-jarige leeftijd om het leven gekomen samen met zijn psychiater tijdens het zwemmen in de nabijgelegen Starnberger See in 1886.


Bestemming:       Ethiopië

Wanneer:              2017

Pagina's:                159

Kosten boek:        € 16,00 (excl verzendkosten)

Kosten digitaal:   € 5,00

Vrijdag 22 september, 12 januari, Gondar naar Simien Mountains


Wij vervolgden onze route. Iets buiten Debark hield de verharde weg op en ging over in een onverharde. Het pad slingerde verder in de richting van de rand van het plateau waar wij schijnbaar opreden. Helemaal aan het einde van de weg lag onze lodge, Limalimo Lodge. Daniel had deze voor ons gereserveerd op ons verzoek toen wij hadden gehoord dat het geplande hotel nog in renovatie was en er verder in Debark niets knaps te vinden was. Oke, dit kost het vier of vijfvoudige, maar goed, dat mag ook wel eens.

 

De Limalimo Lodge ligt op de rand van het plateau, niet dat het steil naar beneden gaat want dat valt wel mee. Het ligt op 3000 meter hoogte en maakt het daarmee tot één van de hoogste resorts in Afrika. Drie jaar geleden gebouwd door een Amerikaan met behulp van lokalen. Doel was dat deze lokalen

ook meteen van alles bijleerden en door konden stromen in functies binnen de lodge toen het eenmaal klaar was. Op het hoogste punt lag de lounge met bar en eetzaal. Erachter iets lager liepen paadjes naar de 12 kamers die deze lodge telt.

 

Eerst checkten wij in en babbelden wat met de eigenaar onder het genot van een kop koffie. Vervolgens werden wij naar onze kamer gebracht. Een twee onder één kap bungalow die eigenlijk wel erg modern, maar tevens sober was ingericht. Vanuit de slaapkamer grote ramen vanwaar je tussen de bomen door naar de Simien Mountains kon kijken als het niet mistig was tenminste.....


....In de lodge bij het haardvuur in de lounge gezeten om wat aan mijn boek te werken. Een knabbeltje en hapje werden uitgedeeld en een glas Ethiopische Merlot besteld. Het is een all inclusive gebeuren dus dat kan geen kwaad. Lekker warm bij het haardvuur tijdens een oorverdovende regenbui die op het dak kletterde.

 

Om half acht werden wij naar de ernaast gelegen eetzaal gebracht. Hier stonden vier tafeltjes voor een grote open haard klaar voor ons. Wij kregen een lekker drie gangen menu voorgeschoteld. Je moest overigens wel iets van een trui aan hebben want ondanks het haardvuur was het nu ook weer niet heet te noemen. Langzaamaan begon de ruimte ook een klein beetje blauw te staan van de rook, maar niet hinderlijk....


Bestemming:       Berlijn tot Praag

Wanneer:              2017

Pagina's:                101

Kosten boek:        € 11,46 (excl verzendkosten)

Kosten digitaal:   € 3,00

Zondag 26 maart, Berlijn


De U-bahn, die al snel bovengronds een stuk aflegde, bracht ons in eerste instantie naar de Potsdamer Platz. Hier moesten wij even via een bovengrondse overstap naar een andere U-Bahn. Daarna namen wij de ondergrondse naar Berlin Nordbahnhof. Zowel het station als de onmiddellijke omgeving deden erg Oost-Duits en dus saai aan. Het was een paar minuten lopen naar het Berlin Wall Memorial aan de Bernauer Strasse. Dit is een van de weinige plaatsen waar nog een stukje van de Berlijnse muur staat. Eigenlijk erg bijzonder dat van de tientallen kilometers muur die rondom West-Berlijn heeft gestaan zo snel bijna alles weer is verdwenen. Nu was het ook niet zo heel erg moeilijk om weer te verwijderen want zo dik is de muur nu ook weer niet. Betonnen platen van

misschien 50 cm breed die naast elkaar gezet zijn. Aan de bovenzijde een ronde rand zodat het lastig was om, als je de bovenzijde van de muur al zou bereiken, houvast te vinden en je over de top te slingeren.

 

De muur is in het begin van de zestiger jaren in rap tempo gebouwd. Zoals bekend waren het de geallieerden die na de Tweede Wereldoorlog Berlijn in vier zones hadden verdeeld, een Franse, Engelse, Amerikaanse en Russische. Spanningen ontstonden op den duur tussen de drie westerse geallieerden enerzijds en Rusland anderzijds. Helemaal toen de Duitse Mark werd ingevoerd. De maat voor de Russen was vol en het westelijk deel van Berlijn werd afgesloten van de rest van Oost-Duitsland. Het gevolg was een luchtbrug van het westen naar de luchthaven Tempelhof. Niet veel later begon vanuit Oost-Duitsland de volledige afsluiting en werd de muur opgetrokken.

 

Het stuk dat nu nog overeind staat is gedeeltelijk de stenen muur en gedeeltelijk rechtopstaande ijzeren staven waar je tussendoor kunt lopen. Het land er achter is gras en was de vroegere ruimte tussen de hoofdmuur en een bij-muur. Hier tussen al dan niet mijnen, prikkeldraad en wachttorens. Ook stond er nog een klein stukje van de bij-muur. Op het veld waren informatiezuilen die voorzien waren van tekstpanelen, foto’s en soms ook geluidsfragmenten. Wel een bizarre plek als je weet wat er zich hier heeft afgespeeld. Zowel tijdens de muur als de periode ervoor want toen lag hier een begraafplaats.


Bestemming:       Griekenland

Wanneer:              2018

Pagina's:                135

Kosten boek:        € 16,00 (excl verzendkosten)

Kosten digitaal:   € 5,00

Contact us:

Generaal Lemanstraat 16
2600 Antwerpen
+3232940441

info@leman16.be

Follow us

Copyright © All rights reserved

Zondag 9 september, Vergina naar Kalabaka


Iets verder troffen wij een eerste graftombe aan. Hier was niet heel veel van over. Het grondplan kon je zien en er stonden een paar zuilen. Bij de volgende tombe had men een foto van schilderingen opgehangen. Deze had men in een tombe

gevonden, maar waarschijnlijk om te voorkomen dat deze zouden worden aangetast door de grote hoeveelheid bezoekers had men er een één op één foto van gemaakt. De mensen en met name de gezichten die je erop zag deden bijna denken aan Rembrandt, maar dan 1500 jaar ouder.

 

Het volgende deel van de tentoonstellingsruimte ging over het belangrijkste graf dat men hier had gevonden, namelijk dat van Philippus. Deze keizer had van het noodlijdende deel van Griekenland, Macedonië, een welvarend en sterk land gemaakt. De hoofdstad van Macedonië was Aigai. Men weet nu zeker dat dat hier heeft gelegen vanwege de vondst van dit graf.

 

Eerst zagen wij een maquette van het graf. Dit bestond uit een voorgevel met marmeren deuren. Hierachter een voorkamer, daar hadden de resten van zijn vrouw gelegen. Geloof het of niet, maar als de koning stierf dan werd zijn vrouw geofferd en meteen mee in het graf bijgezet. Na weer een set marmeren deuren lag de grafkamer van de koning.

 

Ik denk dat je je het moet voorstellen als bij de ontdekking van het graf van Toetanchamon. Je stuit op een graf, maakt het open en blijkt dat het nog ongeschonden is. Dat was dus hier ook het geval.

 

Wij daalden een trap af en daar lag het graf. Onvoorstelbaar! Een voorgevel, zuilen, twee marmeren deuren en een frieslijst met daarop een jachttafereel waarop naast Philippus ook zijn zoon Alexander de Grote was afgebeeld. Alles veilig achter glas. Je zult toch als archeoloog daarop stuiten en de deuren mogen openen, waarna je ontdekt dat je de eerste bent in 2200 jaar!


Wij klommen de trap weer omhoog om de rest van de tentoonstelling te bekijken. Misschien eerst even een woordje van uitleg wat er gebeurde wanneer in die periode een vorst overleed. In eerste instantie maakte men een houten huis. Hierin werd de vorst opgebaard. Hij kreeg een gouden kroon op zijn hoofd, zijn strijdtenue werd aangetrokken en natuurlijk moesten de wapens ook mee. Eten en drinken werden

toegevoegd voor in het hiernamaals. Vervolgens nog wat honden, paarden en andere huisdieren. Deze moesten allemaal mee geofferd worden. Ditzelfde gold voor zijn vrouw. Ik weet even niet of zij bij leven of dood werd toegevoegd. Gruwelijk eigenlijk, maar goed. Vervolgens werd het houten huis volledig afgebrand. Ik vermoed dat hierna de puzzel kon beginnen. De botten van zowel de koning als koningin werden netjes verzameld. In wijn gewassen en verpakt in een gouden kistje waarin een paars doek lag. Men begon met de botten van de voeten, dan de benen, de romp om vervolgens te eindigen met zijn hoofd. De doek werd er overheen geslagen en de kist gesloten. In het graf werden, afzonderlijk in de beiden ruimtes, de gouden kisten in marmeren sarcofagen gelegd. Hier overheen een houten bank die aan alle zijden was versierd met ivoren figuren, glas en goud. Bovenop werd de enigszins gesmolten gouden kroon gelegd. Alle andere dingen die waren verbrand of die waren gebruikt om de lichamen te wassen werden in de twee ruimtes gelegd of gegooid waarna het graf voor eeuwig werd gesloten.